Sitemap | Zoeken | Contact  | English - Engels  

Eieren

De meeste soorten leggen twee eieren, hoewel de keizers- en koningspinguïn er slechts één leggen. Dit laatste is tamelijk logisch omdat ze hun ei uitbroeden in de huidplooi op hun poten, en deze plaats te klein zou zijn voor twee eieren en/of kuikens.

Afrikaanse en dwergpinguïns kunnen in goede seizoenen tot drie eieren leggen.

De eieren zijn in het begin wit : bestaat de ondergrond nl. uit leem of aarde, of ligt het nest in een grote kolonie waar veel mest ('guano') is, dan zijn ze binnen de kortste keren vuil.

De grootte is afhankelijk van de soort.
Bij keizerspinguïns zijn ze ongeveer 11 cm groot, terwijl die van de dwergpinguïns slechts 3 cm meten. Het ei van de keizerspinguin lijkt groot maar als men het in verhouding met de lichaamsgrootte beschouwt, is het eigenlijk het kleinste bestaande vogelei. Waarschijnlijk heeft dit te maken met de extreme klimaatsomstandigheden. Keizerspinguïns beginnen namelijk te broeden in de winter bij min 40 °C en in volledige duisternis. Beide partners wandelen tot 200 km over het ijs tot ze hun broedplaats bereiken op het schelfijs, dat in de komende zomer niet wegsmelt. Na enige weken van koppelvorming en hernieuwde kennismaking paren ze. Het vrouwtje legt één ei, schuift het direct door naar het mannetje, die het in de huidplooi op de poten schuift, en vertrekt terug naar zee om te eten. Men vermoed dat bij een groter ei het vrouwtje niet meer genoeg energie zou overhouden om de lange weg terug te volbrengen.
Om te overleven kunnen de mannetjes met dit ei op de poten nog enigzins rondlopen. Keizerspinguïns staan zo dicht mogelijk bij elkaar om warmte te sparen, en schuifelen in langzame kring rond zodat steeds anderen aan de buitenkant de ergste kou en sneeuwstormen moeten trotseren. Op die wijze kan de ganse groep in dit extreme klimaat toch overleven en jongen voortbrengen.

Eieren van een Kuifpinguin (3 K)
 © Dave Houston
Wanneer men de eieren van kuifpinguïns bekijkt merkt men dat die twee verschillende groottes hebben. Het eerste, kleinere ei wordt regelmatig verwaarloosd en als het al uitgebroed wordt overleeft dit kuiken niet gemakkelijk. Het tweede ei wordt met een tijdsverschil van enkele dagen gelegd en het is dit ei (kuiken) dat de grootste overlevingskans heeft. Ook bij het voeden wordt eerst dit tweede kuiken gevoed en enkel als er iets overblijft krijgt het andere kuiken voedsel.



volgend hoofdstuk: Broedtijd
© Pinguins info  |   2000-2015